Home Artikelen Geschiedenis Volkerentafel De Volkerentafel
De Volkerentafel PDF Afdrukken E-mail

In dit artikel bespreken we de volkerentafel. We kijken allereerst naar Genesis 10 waar de volkerentafel beschreven staat.  We zullen in het komende artikel per zoon/kleinzoon van Noach bekijken hoe de volkeren zich over de wereld verspreid hebben. Dat we nog niet alles weten blijkt uit de beschrijvingen van sommige kleinzonen van Noach.

 

 

 Gomer

Ezechiël lokaliseert de vroege afstammelingen van Gomer samen met Togarma (een zoon van Gomer) als uit het uiterste noorden (Ezechiel 38:6). In het Armenisch worden ze ook wel Gamir genoemd. In een spijkerschrift heten ze Gimirrai. Bij de Grieken zijn ze bekend als de Cimmeriërs Ze woonden in de laatste periode van het Assyrische Rijk om de Zwarte Zee en bij de Kaspische Zee en gaven mede de stoot tot de val van Ninevé. Ze werden verdreven door de Elamieten. Ze werden verdreven naar het uiterste noorden. Flavius Josephus heeft beschreven dat de mensen die in zijn dagen Galaten of Galliërs genoemd werden voordien Gomerieten werden genoemd. Zij migreerden in westelijke richting, wat nu Frankrijk en Spanje heet. Heel lang werd Frankrijk aangeduid met de naam Gallië (Gaul), afgeleid van de afstammelingen van Gomer. Vandaar is er nog een streek in noordwest Spanje dat Galicia heet. Een aantal Gomerieten migreerden verder naar wat we nu Wales noemen. Welshman Davis zegt dat de Gomerieten vanuit Frankrijk kwamen ongeveer 300 jaar na de zondvloed. De taal van de Wesh wordt ook wel Gomeraeg genoemd.

 

Magog

De volgende die komt in de volkerentafel is Magog. Volgens Ezechiël leefde hij in het uiterste noorden (Ezechiël 38:15, 39:2). Over deze naam worden de wildste fantasieën gemaakt. In Ezechiël 28:2 staat en Gog vermeld dat hij een hoofdvorst was. Voor hoofd staat in het oorspronkelijk rosj. Daarom heeft een enkele uitlegger er van willen maken dat het een vorst de Russen was. Wie dat doet, zou ook naar consequentie overal in het O.T. kohen rosj kunnen vertalen niet als hoofdpriester of hogepriester maar als priester der Russen. Dit lijkt dus niet zo te zijn. Het Soemerisch geeft nog de duidelijkste verklaring: ma (land) en kug (donker); zo aldus wordt het land genoemd het land der buitenste duisternis, een ver naar het noorden liggend land, met lange en donkere winters. Dit klopt met de beschrijving dat dit volk verwant is aan de Kimmeriërs. Maar ze woonden nog verder naar het donkere onheilspellende noorden. Magog is de stamvader van de Scythen. Volgens de Encyclopedie Britannica was Scythia de oude naam voor een gebied wat nu onderdeel is van Roemenië en de Oekraïne. Een opvallende beschrijving van dit volk komt uit een vroeg Ierse genealogie. Het schijnt dat de Ieren van de Scythen afstammen. De Ieren werden lange tijd de schotten genoemd, zelfs voordat sommigen van hen migreerden naar het land, dat vandaag hun naam draagt. Brewer beschrijft het volgens het boek After the flood zo: “Scot is hetzelfde als Scyth in de etymologie; de wortel van beide is Sct. De Grieken kenden geen c en veranderden t in th, zodat de wortel veranderde in skth, en door een fonetische klinker toe te voegen krijgen we Skuthai (Scythen), en Skodiai (Skoths). De Welshen hielden niet van een s aan het begin van een woord, en veranderden dit in ys; zij veranderden ook de c of k in g, th in d; zodat de Welsche wortel werd Ysgd, en Skuth of Skoth werd ysgod. Vervolgens verwijderden de Saksen de Welsche y, en veranderden de g terug in een c, en de d in t, zodat Ysgod werd Scot.”

                        

Madai

Deze naam biedt geen moeilijkheden. Het zou gaan over de Meden die in hun eigen Iranische taal Mada heetten. Zij schijnen een gemengd volk te zijn geweest. De adelklasse sprak een taal die vrijwel met het Oud-Perzisch overeenkwam, maar het gewone volk sprak Medisch. Ze hebben een tijdlang onder vazalschap van de Assyriërs geleefd, maar hebben zich in de latere vervaltijd van dit volk van hen onafhankelijk gemaakt. Na de periode van Cyrus, werden de Meden altijd in een adem genoemd met de Perzen. Zij vormden een koninkrijk met een wet, de wet van de Meden en Perzen (Daniël 6:8). Later werden ze eenvoudigweg Perzen genoemd. De Meden hebben ook India bevolkt. Samen met Sem’s zoon Elam zijn zij de voorouders van de hedendaagse Iraniërs die in 1995 hun land Iran noemde.

 

Javan

Jawan is het Hebreeuwse woord voor Griekenland. Het komt vijfmaal voor in het Oude Testament en elke keer wordt het woord Jawan gebruikt. Ze worden ook wel Joniërs genoemd, het werd een algemene naam voor de Griek. De eerste keer dat de naam voorkomt is in een spijkerschrift van de 7e eeuw voor Christus.

 

Tubal

Ezechiël vermeld hem samen met Gog en Mesech (Ezechiël 39:1). Josepus heeft hun naam vastgelegd als Thobelieten welke later bekend werden als Iberiërs. Hun land besloeg volgens een bron waarschijnlijk Georgië en waarvan de hoofdstad Tbilisi, nog steeds de naam Tubal in zich draagt. Vanuit hieruit doorkruisten deze mensen de bergen van de Kaukassus en migreerden ze naar het noordoosten. Hierbij verleenden ze hun stemnaam zowel waan de rivier de Tobol als de befaamde stad Tobolsk. Ik zelf en een andere bron vinden dat de Spanjaarden, Iberiërs en de Italianen hiervan afstammen. Het eiland van Spanje en Portugal noemen ze het Iberische schiereiland.

 

Mesech

Zijn volk wordt in een spijkerschriftinscriptie van 1170 voor Christus de Moesjki genoemd. Dit is een Klein-Aziatisch volk. Ze zaten meer in het westen van Klein-Azië. Sargon II, die leefde in de tijd van de profeet Jesaja, heeft gestreden tegen de koning Mita van Musjki. Deze koning bestreed Sargon indirect door allerlei rijkjes tegen hem op te richten. Deze koning is ook bekend uit een sage. Hij wordt daarin koning Midas genoemd. Volgens deze sage was hij zo rijk dat alles wat hij aanraakte veranderde in goud. Na deze vermelding zouden ze in de richting van Rusland getrokken zijn, want Mesech is de oude naam voor Moskou. Moskou is zowel de naam voor Rusland’s hoofdstad evenals voor de regio rondom de stad. Tot de dag van vandaag draagt een regio, de laaglanden van Mesera, nog steeds de naam Mesech (Meschera Lowland).

 

Tiras

Dit volk is bekend bij de Egyptenaren, uit de teksten van Farao Meren-Ptah die omstreeks 1231 voor Christus leefde. Zij noemen het volk Toeroesja. Dat waren toendertijd beruchte zeerovers, die de Westkust van Klein-Azië en daarvoor gelegen Griekse eilanden onveilig maakten. Volgens Flavius Josephus droegen de nakomelingen van Tiras de naam Thirasianen. De Grieken veranderde hun naam in Tracianen. Thrace reikte van Macedonië in het zuiden tot aan de rivier de Donau in het noorden en tot aan de Zwarte Zee in het oosten. De World Book Encyclopedia zegt het volgende over dit volk: “Het volk van Thrace bestond uit woeste Indo-Europeanen die hielden van oorlogvoering en plundering. Tiras werd vereerd door zijn nakomelingen als Thuras, of Thor, de god van de donder.” Waarschijnlijk werd dit volk van Klein-Azië verdrongen, daarna hebben ze zich gevestigd in Noord-Italië en werden ze de Ertrusken genoemd. Een zee daar in de buurt draagt nog steeds de naam de Tyrrheense Zee. De beschrijving van de World Book Encyclopedia doet ons vooral denken aan de Vikingen die ook al rovend en plunderend de andere volken aanvielen om hun buit, deze Scandinaviërs dienden ook de god Thor.

 

 

Na Tiras spitst de auteur van deze stamlijst nog toe op twee andere ‘twijgen’. Hij heeft een onderverdeling voor Gomer en Jawan.

De zonen van Gomer zijn:

 

Azkenaz

Het is niet zo makkelijk dit volk de identificeren. Misschien is het identiek met de Asjkoeza of Askuza. Uit Jeremia 51:27, waar de profeet ze combineert met de Ararat en Minni, blijkt dat ze uit het Armenische hoogland kwamen. Volgens de kanttekeningen is het de vader van de inwoners van Pontus en Bithynië. Later zou dit volk naar Europa gemigreerd zijn en zich daar in Duitsland gevestigd hebben. Dan zouden uit deze stamvader de Duitsers voortgekomen zijn. Azkenaz is het Hebreeuwse woord voor Duitsland dus het zou aardig in de buurt zitten.

 

Riphath

Men zoekt tegenwoordig ook wel bij het riviertje de Ribas of Rhebaios in Bithynië in het uiterste Noodwesten van Klein-Azië. Misschien is het volk wel zo genoemd, omdat het langs deze weg uit Europa Azië binnendrong. Een andere mening is dat men hier zou kunnen denken aan een stad Aripas, voorkomend in de inscripties die men gevonden heeft te Boghaz-Keui een stad die gelegen zou hebben in de omgeving van het tegenwoordige Erzerum.

 

Togarma

Uit Hethietische geschriften die stammen uit de veertiende eeuw voor Christus wordt de naam Tegarma aangetroffen, die bijna wel zeker identiek is aan Togarmah. Sargon II noemt dit volk de Tilgarimmoe. Waarschijnlijk is de naam Turkije van Togarma afgeleid.  Dit volk zou waarschijnlijk in Armenië gelokaliseerd kunnen worden. De Armeniërs claimen namelijk dat ze van dit volk afstammen. Het land was beroemd door zijn paardenfokkerijen. Sommigen denken dat ze in het hoge noorden gelokaliseerd moeten worden en dat de Hoog-Duitsers hier afstammelingen van zijn.

 

De zonen van Jawan zijn:

 

Elisa

De meningen zijn erg verdeeld over dit volk. Sommigen houden het voor Carthago, andere voor het Griekse Peloponnesus, nog weer andere voor Sicilië of beneden Italië. In oude Amarna-brieven wordt Cyprus genoemd, er valt te denken aan de Feniciërs, het volk wat uit Elisa voortkomt staat namelijk bekend om de purperhandel. Veel denken aan Carthago omdat de eerste Fenisische koningin in deze kolonie, Dido, de bijnaam Elissa droeg. Scheppingofevolutie.nl zegt in een van hun vertaalde artikelen: “De Elisianen (een oud Grieks volk) kreeg overduidelijk hun naam van Elisa.” Geoffrey van Monmouth beschrijft in de Welshe kronieken opvallende beschrijvingen over deze Elisa. Allereerst is daar de afstammelingenlijst van de Britse voorvaderen. Deze luidt: “De eerste bewoners van Engeland waren de Britten, genoemd naar Brutus. Brutus was de zoon van Hessitio. Hessitio was de zoon van Alanus, de zoon van Rhea Silvia, de dochter van Numa Pompilius, de zoon van Ascanius. Ascanius was de zoon van Aeneas, de zoon van Anchises, de zoon van Trous, de zoon van Dardanus, de zoon van Elisah, de zoon van Javan, de zoon van Jafet.” Zo blijkt ook dat de genoemde Hessitio vier zonen had namelijk Francus, Romanus, Britto en Albanus. Zo zouden ook uit deze Elisah de Franken, Latijnen, Britten en de Albaniërs voortkomen. Volgens overleveringen begon de geschiedenis van de Britten bij de val van Troje. Waar Anchises met zijn zoon Aeneas vanuit de brandende ruïnes van Troje trokken naar een land dat nu Italië wordt genoemd. Uit de lijn van Aeneas wordt Brutus geboren. Zijn moeder stierf aan het kraambed, en toen Brutus een jongen van 15 was, schoot hij per ongelijk zijn vader dood met een pijl gedurende de jacht. Omdat hij de dood van zijn beide ouders had veroorzaakt, werd hij verbannen uit Italië. Brutus trok van Italië naar Griekenland. Daar kwam hij in contact met slaven. Dit waren de nakomelingen van de soldaten die tegen de Grieken hadden gevochten in de Trojaanse oorlogen in de 13e eeuw voor Christus. Toen zij hoorden dat Brutus afstamde van hun eigen vroegere koningen, accepteerden de Trojanen hem in hun eigen kring en kozen hem als hun leider. Ze vormden een leger en versloegen Pandrasus. Nadat zij deze hadden verslagen zeilden ze weg op zoek naar land waar zei zich konden vestigen. Ze voeren tussen de pilaren van Hercules door en zeilden richting Gallië onder leiding van Brutus. Ze kwamen aan land bij Totnes in Devon in de 12e eeuw voor Christus. Later werden het land en zijn bevolking genoemd naar hun leider Brutus. Brutus stichtte op dat eiland de stad Trinovantum of Nieuw-Troje, dat later de stad Londen werd. Brutus regeerde als eerste koning over zijn volk op dit eiland gedurende 23 jaar van ca. 1104-1081 voor Christus. En zo stammen de Britten af van deze Elisa.

 

Tarsis

Twee verklaringen voor dit volk. Als eerste wordt genoemd dat het hier gaat om de hoofdstad van Cilicië, zodat Tarsis de stamvader van de Ciliciërs is. Andere verklaringen vertellen ons dat Tarsis een stad is in Spanje. Hieruit zou je het Spaanse Tartessus af kunnen leiden. Dit lag volgens Herodotus buiten de zuilen van Hercules. Volgens de Griekse geograaf Strabo die ongeveer aan het begin van onze jaartelling leefde, zou de rivier die tegenwoordig de Guadalquivir heet eerst de naam Tartessus hebben gedragen, evenals ook de stad die aan de monding van deze rivier lag. Wij moeten ons Tarsis denken aan de Atlantische kust van het Iberische schiereiland. Dit bestond al in het jaar 1100 voor Christus. Baarslag voegt hier nog aan toe: “Het gaat hier waarschijnlijk over alle vreemde en verre handelsfactorijen in het westen van de Middellandse Zee.”

 

Chittim

Dit zijn naar alle waarschijnlijkheid inwoners van Cyprus geweest. Dit weren we omdat een stad aan de Zuid-oost kust van Cyprus lag de naam Kition had. Onder de Kittiërs in de engste zin moeten we dus de inwoners van de stad Kition verstaan, in een wat ruimere zin de inwoners van het gehele eiland Cyprus.

 

Dodanim

Enkele andere namen die hier aan gegeven worden zijn Rhodanim of de Rhodiërs. Aalders denkt dat het gaat over de Dardaniërs. Maar we hebben gezien dat Dardanus de zoon van Elisa was, daarom denk ik dat dit hier niet het geval is. Ik deel de mening met Baarslag die zegt dat de Rhodiërs bewoners zijn geweest van het eiland Rhodus (Rozeneiland) Hij zegt verder: “Hier hebben we nu bij de onderverdeling van Jawan, de Joniër voor het eerste echte Grieken voor ons. Al zijn het dan nog niet eens echte Joniërs maar Dorische Grieken.”

 

 

Nu worden de zonen van Cham genoemd. Deze zonen waren:

 

Kus

De naam Kus is het Hebreeuwse woord voor Oud-Ethiopië. In het Egyptisch luidt het woord Kasj. Hiervoor wordt veelal mee bedoeld het gebied ten zuiden van Egypte, beginnend bij de eerste grote Nijl-waterval, het tegenwoordige Nubië. Josephus geeft de naam weer als Chus en zegt dat de Ethiopiërs tot de dag van vandaag Chusieten genoemd worden. De kanttekeningen zeggen dat van deze Kus de moren en de Arabieren afkomstig zijn.

 

Mitsraïm

Hieruit zijn de Egyptenaren voort gekomen. Mizraïm is het Hebreeuws voor Egypte. Men vind deze naam op honderden plaatsen in het Oude Testament. Bijvoorbeeld bij de begrafenis van Jakob waar de Kanaänieten de rouwklacht van de Egyptenaren gadesloegen en daarom de naam Abel-Mitsraïm gaven aan die plaats. Het is ook de naam van het land en de inwoners van dit land.

 

Put

Er zijn twee verschillende visies op dit volk. De eerste visie: Put is de Hebreeuwse naam voor Libië. Dit komt driemaal voor in het Oude Testament. In de dagen van Daniël werd de naam veranderd in Libië. Flavius Josephus zegt: “Put was ook de oprichter van Libië, en hij vernoemde de inwoners naar zichzelf, Putieten.” Volgens de kanttekeningen zou er in Libië een rivier zijn met de naam Put.

De tweede visie: Het land wordt vaak bij de Egyptenaren aangehaald met de naam: het wierookland Poent. Dit lag aan het Zuidelijke einde van de Rode Zee. Men zoekt het of in Zuidwest Arabië of aan de tegenoverliggende Somalikust. Waarschijnlijk heeft men het te zoeken in het kustland van Abessynië maar ook mogelijk is dat het zich aan beide zijden van de Rode Zee bevond.

 

Kanaän

Dit is de stamvader van de Kanaänieten. Deze naam, die al in de Egyptische teksten van het Nieuwe Rijk (1350 v Chr.) en in de Amarna-brieven wordt aangetroffen, duidt in ruimeren zin het gehele gebied langs de Middellandse Zee kust aan, vanaf de Libanon tot aan de grens van Egypte. Dit is de regio die door de Romeinen werd aangeduid met Palestina, of het moderne Israël en Jordanië.

 

 

Net als bij Jafet krijgen we in de Bijbel hier ook weer een onderverdeling te zien. Deze onderverdeling geldt voor drie van de vier zonen van Cham. Alleen Put heeft geen onderverdeling. Ik beschrijf ze in de volgorde van de tekst. Allereerst zijn daar de zonen van Kus.

 

Seba

De eerder genoemde Griekse geograaf Strabo, zoekt het in Afrika en kent het volk als Saba aan de kust van de Rode Zee. Volgens Baarslag gaat het om Eritrea, het land tussen Abessynië en de Rode Zee. Het volk worden ook wel Sabeeërs genoemd.

 

Havila

Hierover is een grote verdeeldheid wat hier nu mee bedoeld wordt. De naam Havila betekend een zandstreek. Het zou dienst doen voor een Afrikaans woestijnland. Of het Arabische woestijnland. Men weet niet goed waar men dit moet zoeken.

 

Sabta

Men heeft hierin de naam Sabbatha of Zabata teruggevonden. Dit is de hoofdstad van Hadramauth. Ik heb gekeken in de Bosatlas waar dit ligt en ik vond het in het huidige Jemen, men noemt dit ook wel het wierookland van Zuid-Arabië.

 

Raema

In Sabeese inscripties komt deze naam in een vrijwel gelijke vorm voor en volgens Strabo zijn het waarschijnlijk de Rammanieten. We hebben ze te zoeken in Zuidwest Arabië.

 

Sabtecha

Sommigen denken hierbij aan een streek Samydake aan de oostelijke oever van de Perzische Golf, anderen zoeken deze stam liever aan de Rode Zee.

 

Scheba

We kunnen Scheba nog niet goed lokaliseren. Vast staat wel dat we het in Afrika moeten zoeken. Ze zouden ook Sabeeërs genoemd worden. Omdat deze al eerder genoemd zijn staan we hier voor een vraagstuk. Het zou kunnen zijn dat er twee verschillende stammen van Sabeeërs waren. Een in Midian (het bovengenoemde Seba) en een in Jemen het meest Zuidelijke gedeelte van Arabië (de hiergenoemde Scheba). Maar het zou zich ook in morenland kunnen bevinden zoals de kanttekeningen zeggen. Het land is bekend in de tijd van koning Salomo (koningin van Scheba).

 

Dedan

Deze stam is kennelijk in latere eeuwen naar het Noorden verhuisd. We weten nu dat het een Arabische stam is, die zijn woning moet hebben gehad op de grenzen van Edom’s grondgebied, vermoedelijk ten zuiden van Tema in Noordwest Arabië. Zo zouden de profeten Jesaja, Jeremia en Ezechiël spreken over deze stam.

 

Nimrod wil ik niet noemen omdat het hier gaat om maar een persoon die een heerser was over de genoemde steden.

 

De zonen van Mitsraïm waren:

 

Ludim

Ook voor deze is het onduidelijk waar ze gelokaliseerd moeten worden. Sommige denken aan de Lydiërs, die in Klein-Azië gewoond hebben en daar een machtig rijk hebben gevormd. Anderen denken dat ze in plaats van Loeb Loed moeten lezen, zo zou hun naam teruggevonden moeten worden in het volk van de Lybiërs die ten westen van de Nijldelta zouden wonen. Volgens de kanttekeningen is het de stamvader van het volk van Lydië in Mauritanië.

 

Anamim

Men houdt deze voor de stamvader van de Cyreneërs. Het zou een Hebreeuwse versie van het Egyptische woord Kenamieten zijn. Dit waren bewoners van de grote oase ten westen van Egypte.

 

Lehabim

Dit zou hetzelfde betekenen als Loebim, waarmee ongetwijfeld de Libiërs bedoeld worden. Verder wordt er niet veel over dit volk vermeld in de bronnen.

 

Naphtuhim

De kanttekeningen denken dat van dit volk de moren afkomstig zijn. Andere houden het voor de bewoners van Noord- Egypte. Egyptologen wijzen op het woord napatoech of napatuh wat het volk van de delta, betekent. We hebben al gezien dat de moren juist van Kus afkomstig zijn.

 

Pathrusim

Dit is het volk wat rond de stad Pathros in Egypte gewoond hebben. Het lag in het zuidelijke gedeelte van Egypte, ook wel bekend als Opper-Egypte. Het Egyptische woord patoresi betekend Zuiderland). Koning Esharradon van Assyrië (681-668 v Chr.) vermeldt de overwinning op de Paturisi.

 

Kasluhim

Uit dit volk zijn de Filistijnen voortgekomen. Volgens Amos 9:7 zijn ze uit Kaphtorim voortgekomen. We zullen dit zo uitleggen. De meningen liggen verdeeld waar Kasluhim gewoond heeft. Sommigen denken aan de Siwa-oase ten westen van Egypte. De meeste zien in dit volk, de bewoners van het gebied dat grenst aan de berg Kasios ten oosten van de Nijl-Delta en veronderstellen dat een deel van de Filistijnen omstreeks 1200 voor Christus zich in dat gebied had genesteld. De Filistijnen staan bij de Assyriërs bekend als de Palashtu en de Pilisti, en bij de Grieken als de Palastine, vandaar de latere naam Palestina. Na de verovering van Assyrië in de 8e eeuw v Chr. verdwijnen de Palestijnen als een samenhangende natie. Deze Filistijnen zouden voor een deel uit Kaphtor komen maar het grootste deel zou zich vanuit Noord-Egypte gevestigd hebben in Philistaea. Daarom staat in Amos wat over het verband met Kaphtor en de Filistijnen.

 

Kaphtorim

Over dit volk bestaat ook wat onenigheid. Sommigen denken dat met Kaphtor, Cappadocia moet worden bedoeld en refereren dit zo aan het vasteland van Klein-Azië. Anderen hebben een andere mening. Men heeft wel met grote zekerheid kunnen vaststellen, dat deze naam moet samenhangen met het Egyptische Kefto, dat al in de teksten uit de periode tussen 1600 en 1200 voor Chr. gevonden wordt. Onder dit Kefto wordt een vrij uitgebreid gebied verstaan, namelijk de Klein-Aziatische en de Griekse kusten en eilanden ten westen van Cyprus. Misschien is het wel een verspreid volk geweest met haar voornaamste plaats op Kreta maar ook hun afstammelingen in Capadocië en aan de kusten.

 

De zonen van Kanaän waren:

 

Sidon

Hij vestigde zich met zijn nakomelingen aan de Middellandse Zee. De stad Sidon is naar hem genoemd. Deze naam betekent hier niet alleen een bepaalde stad maar heel Fenicië of Phoenicië. De stad Sidon lag tussen de befaamde Phoenicische stad Tyrus en het tegenwoordige Beiroet.

 

Heth

Hij was de voorvader van de Hethieten. Ze worden volgens de Egyptische teksten Cheta genoemd en spijkerinscripties noemen het volk Chatti. De Hethieten waren het eerste volk dat ijzer smolt op grotere schaal. De Hethieten hadden tussen 1500 en 1200 voor Chr. een zeer machtig rijk. Dat zich aan de ene kant over Klein-Azië en aan de andere kant ver naar het Zuiden en Zuidoosten uitbreidde. Dit rijk kwam vaak in conflict met de Egyptische strijdkrachten. Een bekende en beroemde slag, is de slag bij Kadesh, het schijnt dat de Hethieten toen de Egyptenaren overwonnen. Hun hoofdstad lag in het hartje van Klein-Azië in de nabijheid van het tegenwoordige dorpje Boghaz-Keui. Daar heeft men duizenden kleitabletten met spijkerschrift teruggevonden die ons veel vertellen over de oude historie van dit volk.

 

Jebusi

Dit volk woonde in de omgeving van Jeruzalem. Dit was hun hoofdstad, in de Amarna tabletten wordt deze stad Urusalimmu genoemd.

 

Emori

Dit volk bewoonde in de tijd van Israëls intocht het Oost-Jordaanland en het gebergte van het West-Jordaanland. Bij de Summeriërs bekend als de Martu, en bij de Akkadiërs als Ammurru.  Maar in vroegere tijden had het een machtig rijk ten Westen van Babylonië gevormd, en had het zelfs een tijd lang Babel beheerst, want Chammoerapi of ook wel bekend als Hammurabi was afkomstig uit deze Amoritische dynastie.

 

Girgasi

Deze naam is ontdekt in de geschriften van Ugariet als grgs en bngrgs, met andere woorden Girgash en zijn zonen. Ze zijn ook bekend in Hethietische bronnen als Kakisa of Qaraquisa. Ze vestigden zich ten oosten van de Jordaan tussen Galilea en de Dode Zee. Waarschijnlijk zijn hun nakomelingen de Gadarenen die in het Nieuwe Testament worden genoemd.

 

Hivvi

Dit volk is bij de oude Grieken bekend als Heualos. Dit zijn de voor-Israëlitische bewoners van Kanaän en deze waren in het bijzonder te vinden in Sichem en in Gibeon. Na de verovering van het land Kanaän door de Israëlieten trok dit volk naar het noorden richting het heuvelland van Libanon. Salomo gebruikte deze Hivvieten later als bouwers.

 

Arki

Dit zijn waarschijnlijk de bewoners van de stad Arqa. Dit volk wordt genoemd in de inscripties van Salmanasser II en Tiglath-Pileser III, beiden koning van Assyrië en beiden beschrijven de Arkieten als opstandig. Ook de Egyptenaren spreken over dit volk, in de Amarna-brieven hebben ze het over Irkata. Het is bekend dat zij Astarte vereerden. Tegenwoordig ligt deze stad ongeveer vijf uur ten noorden van Tripolis en is nog bekend als Tell-Arka.

 

Sini

Dit zijn waarschijnlijk de bewoners van de stad Sinna. De naam van dit volk treft men tegenwoordig aan in de bekende steden Nahr as-Sinn en Sinn Addarb.De Assyriërs noemen hen de Usana en Siannu. Deze stad lag iets ten zuiden van de rivier Arka in de buurt van de bovengenoemde stad.

 

Arvadi

Dit volk woonde in de havenstad Aradus of Arwad. Deze stad ligt nog weer noordelijker dan Arka. Ze vestigden zich op het eiland Arvad. Dit heet nu Ruad en ligt ongeveer 3 km ten noorden van de baai van Tripoli. Dit volk was beroemd in de oude wereld om hun kundige zeemanschap, en oogsten daarvoor de bewondering van de Assyriërs. In de Amarna-brieven worden zij Aewada genoemd.

 

Zemari

Dit zijn de inwoners van het tegenwoordig nietige plaatsje Soemra. Het ligt tussen Tripolis en Arwad in. In Egyptische teksten wordt dit plaatsje Samar genoemd. In Assyrische inscripties Simirra.

 

Hamathi

Dit zijn de bewoners van de stad Hamath. Deze stad ligt in Syrië aan de oever van de rivier de Orontes. Het volk is bij de Akkadiërs bekend als Amatu en bij de Egyptenaren als Hmtu. In 853 voor Chr. waren de mannen van Hamath succesvol in het terugdringen van Assyrische aanvallen in het westen met een leger van niet minder dan 63.000 man voetvolk, 2000 man lichte cavalerie, 4000 strijdwagens en 1000 kamelen. Dit was een Assyrische schatting van het leger. Sargon II van Assyrië veroverde uiteindelijk de stad en in 605 voor Chr. versloeg Nebukadnezar de Egyptische legers hier.

 

 

Als laatste worden de zonen van Sem genoemd:

 

Elam

Dit was de stichter van het Elamitische volk. Volgens Baarslag was dit volk verwant aan het voor-Maleise ras. Hun gebied moet geografisch gezien gezocht worden aan de Perzische Golf, ten Oosten van de benedenloop van de Tigris, in het Westen door Babylonië, in het Noorden door Medië. Elam is de oude naam voor Perzië, en Perzië is weer de oudere naam voor Iran. In oude tijden moet dit een zeer machtig rijk geweest zijn. Modernere Perzische inscripties vermelden Khuzistan als hun thuisland. De Perzen werden tot aan de periode van Cyrus Elamieten genoemd.

 

Assur

Dit is de stamvader van de Assyriërs. Dit volk komt van de oude volken het meeste voor in de Bijbel. We vinden bij de vertaling van Assyrië elke keer het Hebreeuwse woord Asshur tegen. Al vroeger dan 2000 voor Chr. vinden we de sporen van een zelfstandige Assyrische staat. Door deze staat werd Assur vereerd als God. Bil Cooper zegt: “Zo lang Assyrië bestond, dat is tot 612 v Chr., werden dagelijks verslagen van veldslagen, diplomatieke zaken en buitenlandse bulletins gelezen in zijn naam. Iedere Assyrische koning regeerde bij de gratie van Assur’s vergoddelijkte geest.”

 

Arphachsad

Hij was de voorvader van de Chaldeeën. Zijn naam komt waarschijnlijk overeen met Aep-keshed, de grensmoerassen van Chaldea. Het wordt ook bevestigd door de Hurriaanse tabletten (Nuzi) die zijn naam weergeven als Arip-hurra de stichter van Chaldea. Hun allereerste vestiging was waarschijnlijk wat tegenwoordig een ruïne is van 1,1 hectare, en nog steeds de naam Arpachiya draagt. Deze ruïne ligt ongeveer 6 km ten oosten van het oude Ninevé en is het overblijfsel van een zeer vroege landbouwnederzetting. Zijn nakomeling Eber gaf zijn naam aan het Hebreeuwse volk. Via de lijn van Peleg. Eber’s andere zoon Joktan, had 13 zonen die zich blijkbaar allemaal gevestigd hebben in Arabië.

 

Lud

Hij was de stamvader van de Lydiërs. Lydië bevond zich in wat nu West-Turkije heet. Hun hoofdstad was Sardis. Er is bekend dat de eerste Lydische koningen Semieten waren daardoor weet men ook dat Lud de afstammeling van Sem is. In spijkerteksten wordt Loebdi of Loebdoe genoemd. Het is een machtig rijk geweest.

 

Aram

Dit is de stamvader van de Syrische of Arameese volkerengroep. Al sinds 1500 v Chr.  worden door hen sporen achtergelaten in de Historie. Een Assyrische Inscriptie van Tiglat Pileser I, van ca. 1100 voor Chr., wordt van de Arameeërs gezegd dat zij ten oosten van de Rivier de Tigris woonden. Ongeveer 400 jaar later, in de tijd van Tiglat-Pileser II, wordt er van hen gezegd dat zij leefden in heel Mesopotamië. Daarna wordt er van hen gezegd dat zij zich in het westen, in het gebied dat thans het moderne Syrië uitmaakt. In het Oude Testament wordt er regelmatig melding gemaakt van de Arameeërs of Syriërs. Een bekende Syrische koning is bijvoorbeeld Benhadad, die ten tijde van de profeet Elisa leefde.

 

 

Hier volgt weer een kleine onderverdeling. Dit geldt alleen voor Arams zonen. Joktan is enkele generaties verder en deze wil ik niet meer noemen.

Arams zonen waren:

 

Uz

Het land Uz komt vaker in de Bijbel voor. Zo woonde Job in het land Uz. Uit Klaagliederen 4:21 en Jeremia 25:20 kan worden opgemaakt dat het land ten zuiden van Kanaän te zoeken is. Omdat Klaagliederen meldt dat de dochter van Edom in het land Uz woont en Jeremia zegt ons dat het land Uz te vinden is tussen Egypte en de Filistijnen. Sommige lokaliseren het in Syrië omdat Uz goed aansluit bij de zoon van Nahor. Het zou er kunnen zijn dat er twee streken de naam Uz droegen en dat we met deze Uz te maken hebben met een landstreek tussen Egypte en Arabië, ten zuiden van Kanaän.

 

Hul

Zijn afstammelingen hebben zich ten noorden van het meer van Galilea gevestigd. Hij gaf de naam Huleh (de Bijbelse wateren van Merom) aan een meer net boven Galilea. De tegenwoordige Israeli’s hebben er een natuurreservaat opgericht en kennen de vallei als de Hula vallei.

 

Gether

Men lokaliseert zijn afstammelingen ten zuiden van Damascus. Sommigen menen er Gessoer te herkennen dat tussen Basan en Hermon in ligt. Verder is er niet veel bekend over dit volk.

 

Mas

De Babyloniërs duidden hen aan als Ma-a-soe. De Egyptenaren kennen het volk als Msh’r. Ze werden ook wel Mishal genoemd. Zijn afstammelingen vestigden zich in Libanon. In Kronieken heten ze ook Mesek. We moeten daarom uitkijken dat we dit volk niet verwarren met het Jafetitische Mesek.

 

 

Het komende jaar hopen wij op deze site meer te publiceren over de afzonderlijke volkeren.

 

Gebruikte bronnen:

 

Bill Cooper, After the flood

Dr. G. Ch. Aalders, Het Boek Genesis (opnieuw uit den grondtekst vertaald en verklaard)

D.J. Baarslag, De Bijbelse geschiedenis

www.scheppingofevolutie.nl

De kanttekeningen bij de statenvertaling