Enquête
Laatste Artikelen
- Jonge-aarde-scheppingsmodel: Een recente ontwikkeling?
- Ark Encounter Project van Answers in Genesis
- Conferentie ‘Exploring the World’ (1)
- Prof. Dr. Frans van Lunteren over Galilei
- Conferentie 'Exploring the World'
- Zeldzaam fossiel vliegende dinosauriër gevonden
- Kamer Herodes in theater blootgelegd
- Vliegende dino deed aan polsstokspringen
- Boekrecensie van Het grote ontwerp
- Boekrecensie van Nieuw atheïsme
Doneren
| Boekrecensie Gevormd uit Sterrenstof in het RD |
|
|
|
|
De Bijbel vertelt ons waaróm God de wereld schiep, niet hóé Hij die schiep, zo luidt de kernboodschap van René Fransens ”Gevormd uit sterrenstof”. Het boek is de recentste in een lange serie pogingen aan te tonen dat er geen conflict bestaat tussen de Bijbel en theorieën die zeggen dat de wereld en het leven over miljoenen jaren geleidelijk zijn ontstaan. Fransen is van mening dat de seculiere ontstaanstheorieën het bij het rechte eind hebben, en dat dit niet in strijd is met de goddelijke openbaring in Genesis. Zijn belangrijkste argument is dat de eerste hoofdstukken van Genesis niet strikt historisch opgevat moeten worden, omdat de tekst bedoeld is om een boodschap over te brengen die dieper gaat dan het vertellen van geschiedenis. Dit vindt Fransen zo belangrijk dat hij het meerdere malen herhaalt, wat enigszins storend is in een voor de rest goed leesbaar boek. Maar eigenlijk is het een zwak argument, want geschiedenis en een diepere boodschap sluiten elkaar beslist niet uit. Genesis is een historisch overzicht van de vroegste geschiedenis van de aarde, en het is juist die geschiedenis die een boodschap met zich meedraagt. De belangrijkste boodschap van Genesis is dat God de Schepper is; wat is nu een betere manier om dat te communiceren dan een werkelijk verslag van Gods scheppingsdaden? Een andere belangrijke boodschap is de zesdaagse werkweek; wat zou voor God een betere manier zijn om die boodschap over te dragen dan werkelijk de wereld in zes dagen te scheppen? Het sabbatsgebod in de Tien Geboden (Exodus 20:11) wijst dan ook terug naar een historische scheppingsweek, niet op een fictief verhaal. God kan dingen op een bepaalde manier doen om ons iets te leren. Zo waste Jezus de voeten van Zijn discipelen om hun nederigheid te leren. Dit verhaal staat in het Evangelie van Johannes en is puur historisch, ook al zit er een diepere betekenis achter. De ’boodschap’ kan dus nooit worden gebruikt als ontkenning van de historiciteit. Lithium Ook Fransens behandeling van de leeftijd van de aarde is allesbehalve representatief voor de werkelijke stand van zaken. Sterke argumenten die tegen miljarden jaren pleiten, laat Fransen volledig links liggen. Bijvoorbeeld de hoge snelheid waarmee de continenten eroderen. Die verweringssnelheid ligt zo hoog dat er gedurende 10 miljoen jaar maar liefst 270 meter van de continenten ’afgeschaafd’ zou worden. Boven op die continenten liggen aardlagen die honderden miljoenen jaren oud zouden zijn. Maar met zulke hoge erosiesnelheden zouden die aardlagen binnen dat tijdsbestek al lang weggesleten zijn. En zo zijn er nog meer problemen die Fransen negeert. Een probleem dat Fransen wel behandelt is de aanwezigheid van C-14 in steenkool. Het radioactieve C-14 vervalt zo snel dat er na 100.000 jaar absoluut geen detecteerbare hoeveelheid meer over is. Aantoonbaar C-14 in steenkool is een sterk argument dat die niet zo oud kan zijn als wordt aangenomen. Fransen denkt dat dit C-14 het gevolg is van contaminatie (vervuiling), maar met een simpel rekensommetje kan aangetoond worden dat dit geen mogelijke verklaring is. Fransens opvatting lijkt minstens zo veel wetenschappelijke problemen te creëren als zij oplost. En ook nog eens ten koste van de Schrift. Niet alleen Genesis 1 moet geherinterpreteerd worden, Fransens acceptatie van de evolutietheorie behelst uiteindelijk óók een herziening van de schepping van de vrouw (Genesis 2), de zondeval (Genesis 3), de zondvloed (Genesis 6-8) en de spraakverwarring (Genesis 11). Dood In zijn behandeling van de zondeval schetst Fransen het plaatje van een steentijdcultuur, ergens na 10.000 voor Christus, waarin Adam en Eva slechts twee van de vele mensen waren. Adam en Eva kunnen twee „uitverkorenen” zijn geweest, die door God in de hof van Eden geplaatst werden, zo speculeert hij. De zondeval kan dan een concrete gebeurtenis zijn geweest die de hele mensheid aantastte, inclusief de Australische Aboriginals en de Amerikaanse indianen. (Die moeten, volgens de seculiere theorieën die Fransen kritiekloos accepteert, al tienduizenden jaren in Australië en Amerika hebben gewoond.) Dat is rechtstreeks in strijd met wat de apostel Paulus in Handelingen 17:26 aan de Atheners vertelt: dat God uit één mens de hele mensheid heeft gemaakt. Fransen probeert dit te vergoelijken door Paulus te vergelijken met een dominee die tijdens de preek verwijst naar de verloren zoon alsof dat een historische persoon was, terwijl het in feite een personage uit een gelijkenis is. Maar als een dominee zo’n verwijzing doet, gaat hij ervan uit dat de gemeente weet waar hij het over heeft. De Atheners kenden dit verhaal niet. Paulus moest hun uitleggen wie zijn God was, en hij doet dat deels door een historische achtergrondschets. Wederom zien we dat een schets van de geschiedenis het middel is om een boodschap over te brengen. Dus als we Fransens model aannemen, vertelt Paulus hier simpelweg een onwaarheid. Het idee dat er vóór en naast Adam al andere mensen waren, is nog in strijd met een aantal andere teksten, en maakt de benaming van Eva (wat betekent: moeder van alle levenden) nogal onzinnig. Kern Een gerelateerd punt waar Fransen over struikelt is de wreedheid van evolutie. Is een proces dat gemoeid gaat met miljoenen jaren van ziekte en lijden niet enorm in strijd met het karakter van een goede God? Fransen stelt daar tegenover dat er ook in de huidige wereld een heleboel lijden is, en dat dit net zo erg is. Maar daarmee mist hij het punt. Op dit moment is er ellende in de wereld vanwege de zonde van de mens. Als er miljoenen jaren van ziekte en lijden waren vóór de zondeval, dan is God daarvoor verantwoordelijk. Fransen vraagt zich af in hoeverre dieren eigenlijk lijden. „Wat gaat er werkelijk door de zenuwknopen van een rups heen”, vraagt Fransen, op het moment dat die levend verslonden wordt door sluipwesplarven? Hoewel we dat natuurlijk niet weten, wordt het plaatje al heel anders wanneer we beelden zien van een groep hyena’s die al beginnen met eten terwijl de zebra nog weg probeert te komen. Er is geen enkele twijfel over dat die zebra daar enorm onder lijdt. Volgens de evolutietheorie zouden dat soort wreedheden al miljoenen jaren op grote schaal aan de gang zijn, lang voor de zondeval. Dat staat in schril contrast met het beeld dat de Bijbel schetst van de oorspronkelijke schepping (die God „zeer goed” noemt), waarin dieren vegetarisch waren. En niet alleen dieren moeten geleden hebben, ook de mensen die volgens Fransen al tienduizenden jaren leefden en stierven. Zondvloed
Voor de rest van dit artikel zie de onderstaande link: http://www.refdag.nl/artikel/1392640/Hoe+Genesis+te+lezen.html |




