Enquête
Laatste Artikelen
- Jonge-aarde-scheppingsmodel: Een recente ontwikkeling?
- Ark Encounter Project van Answers in Genesis
- Conferentie ‘Exploring the World’ (1)
- Prof. Dr. Frans van Lunteren over Galilei
- Conferentie 'Exploring the World'
- Zeldzaam fossiel vliegende dinosauriër gevonden
- Kamer Herodes in theater blootgelegd
- Vliegende dino deed aan polsstokspringen
- Boekrecensie van Het grote ontwerp
- Boekrecensie van Nieuw atheïsme
Doneren
| Prof. Dr. Barend Kamphuis – Wat is de aard en betekenis van Genesis 1? |
|
|
|
|
Waar was jij toen ik de aarde grondvestte, vertel het me als je zoveel weet. Dat zegt God tegen Job en dat zijn woorden die ons vandaag nog tot bescheidenheid manen. Dat geldt denk ik voor ons allemaal, voor natuurwetenschappers, voor theologen, voor alle christenen die in de problematiek die we vandaag bespreken geïnteresseerd zijn. Dat geldt voor creationisten en theïstisch evolutionisten en voor al die anderen die we nog niet zo goed weten. Niemand van ons was erbij. We hebben in ons nadenken over Schepping of Evolutie te maken met Gods eeuwige kracht en goddelijkheid die ons begrip ver te boven gaan ik denk dat ook Genesis 1 ons dat leert. Toch beperk ik me tot Genesis 1 in deze bijdrage, maar ook dan moet ik me toch nog wat meer beperken. Ik noem drie aspecten: Genesis 1 als openbaring, als geschiedenis en als theodicee. Uitgangspunt van dit congres is dat de Bijbel ons iets te zeggen heeft over die vragen rond schepping of evolutie en dat dat dus ook geldt voor Genesis een. Opzicht is dat uitgangspunt onder christenen nog helemaal niet vanzelfsprekend. Er zijn serieus te nemen theologen die nadrukkelijk afstand nemen van dit Bijbelhoofdstuk. Nu moet ik weer de naam Pannenberg noemen die Koen (directeur Nederlands Dagblad JWvM) net noemde. Pannenberg heeft in zijn systematische theologie kritiek op de oudtestamentische scheppingsverhalen want die beperken zich tot het begin van de wereld en vooral daardoor een mythische afkomst. Pannenberg heeft denk ik best veel zinnigs te zeggen ook als het over de schepping gaat en ook voor Bijbelgetrouwe theologie. Maar als we hem op dit punt zouden volgen dan waren we vandaag snel klaar. Ons probleem is juist dat wij bereid zijn Genesis een als Gods Woord te aanvaarden en dan ook allerlei vragen stellen in verband met huidige wetenschappelijke inzichten.
Genesis 1 als openbaring
Ik graag verder gaan op het karakter van Genesis 1 als openbaring. Opvallend is hoe juist Genesis 1 spreekt vanuit Goddelijk gezichtspunt. Als je Genesis 1 leest dan lijk je aanwezig in Gods raadskamer. Je deelt in Gods overleggingen. Je hoort Goddelijke woorden die niemand gehoord heeft toen ze werden uitgesproken. Wat dat betreft is er een verschil tussen beide scheppingsgeschiedenissen, Genesis 1: 1-2:3 en Genesis 2:4-25. Die laatste geschiedenis heeft toch een veel aardser gezichtspunt en bevat voor een deel ook menselijke ervaringen, zij het dat ze een heel specifieke interpretatie krijgen. In Genesis 1 is dat anders, dat hoofdstuk kiest niet een aards menselijk gezichtspunt maar een Goddelijk. Als Genesis 1 iets te zeggen heeft over Gods scheppingshandelen dan kan ik dat alleen doen krachtens Gods openbaring. Wat is openbaring? Ik kan geen betere omschrijving geven dan de woorden van Paulus in 1 Korinthe 2: Wat het oog niet heeft gezien en wat het oor niet heeft gehoord, wat in geen mensenhart is opgeklommen, dat heeft God bestemd voor wie Hem liefheeft. God heeft ons dit geopenbaard door de Geest , want de Geest doorgrond alles ook de diepten van God. God openbaart zich door zijn Geest, in zijn Woord. Hij onthult daarbij geheimen die anders onkenbaar gebleven zouden zijn. Openbaring stamt niet uit onze ervaringen of onze subjectiviteit maar komt van de andere kant. Voor zover ik kan zien, sluit dit een directe continuïteit tussen onze ervaringskennis, ook onze wetenschappelijke kennis, en Gods openbaring in Genesis 1 uit. Anders gezegd integratie van wetenschap en schriftgeloof is niet zomaar mogelijk. Ik zeg niet dat beiden onverenigbaar zijn maar in een dialoog tussen beiden zal in ieder geval ook de eigen aard van openbaringskennis tot zijn recht moeten komen. Openbaring is niet een makkelijke manier om aan kennis te komen die ook via ervaring te verkrijgen zou zijn. Openbaring geeft kennis van gene zijde. En dat bepaalt ook de aard van openbaring. God heeft haar bestemt voor degene die Hem liefheeft. Openbaring is nooit zonder meer informatie. Ook niet op bovennatuurlijke wijze verkregen informatie . Openbaring is het woord van Gods liefde, eerder belofte dan mededeling. Ook het scheppingsverhaal is vol van belofte. De belofte dat God niet laat varen het werk van zijn handen. De belofte dat God de mens weer zal herstellen naar het Beeld waar hij naar gemaakt is. In die belofte komt ook wel, denk ik, informatie mee maar wie naar de informatie los daarvan op zoek gaat die raakt teleurgesteld. Ik denk dat dit ook het debat tussen creationisme en evolutionisme raakt. Stellen we wel de goede vragen aan Genesis 1?
Genesis 1 als geschiedenis
Genesis 1 is de start van het grote oudtestamentische geschiedenisverhaal, verzameling van geschiedenisverhalen, dat doorloopt tot en met 2 Koningen. Ik licht deze bewering toe door verschillende gebruikelijke afgrenzingen ter discussie te stellen. Heel bekend is natuurlijk de afgrenzing van de Pentateuch, de vijf boeken van Mozes ook wel de wet of Thora. In de Hebreeuwse canon nemen die een aparte plaats in onderscheiden van de boeken Jozua tot en met Koningen die dan de vroege profeten vormen, afgezien van Ruth. Dat is een heel zinvol verschil maar niet wat betreft het historisch karakter van die boeken. Deuteronomium vraagt een vervolg van het verhaal in Jozua, Jozua is onbegrijpelijk zonder Deuteronomium. Een andere afgrenzing: Binnen Genesis wordt vaak de oergeschiedenis (Gen. 1-11) als een aparte eenheid genomen. Ook daarvan valt veel voor te zeggen dat de oorsprong van Israël pas met Abraham aan de orde komt (Gen. 12). Maar Genesis zelf lijkt dat onderscheid toch niet te maken, in tegendeel, de structuur van Genesis wordt bepaald door de indeling in toledoth, een woord dat vertaald wordt met geschiedenis, nakomeling of met geslachtsregister. Nou die toledothstructuur loopt gewoon door over de grens van Genesis 11 en 12 heen. Hoort ook Genesis 1 thuis in die structuur? Dat wordt wel ontkend omdat het woord toledoth voor het eerst opduikt in Gen. 2:4 à Dit is de geschiedenis van de hemel en de aarde. He typische van het woord toledoth is het verbindende karakter dat het heeft. Toledoth beschrijft wat er voortkwam uit of wie er voortkwamen uit het of de genoemde. Zo verbindt Genesis 2:4 het eerste scheppingsverhaal met het tweede en neemt daarmee Genesis 1 op in die toledothstructuur. Kortom Genesis 1 is geïntegreerd in het scheppingsverhaal dat op haar deel weer beurt uit maakt in het geschiedverhaal van Genesis. Dat verhaal maakt dan weer deel uit van dat lange Oudtestamentische verhaal van Schepping tot en met Ballingschap. Deze constatering lijkt me belangrijk. Het is typisch voor de Bijbelse kijk op de werkelijkheid dat de geschiedenis ertoe doet. De Bijbel vertelt mij geen ideeën of algemene waarheden of zich telkens herhaalbare patronen, maar de Bijbel vertelt feiten. De Bijbel vertel t ons over de relatie tussen God en de mensen. God en zijn volk, een geschiedenis waarin beslissende gebeurtenissen plaatsvinden: uittocht, verbondssluiting, landinname, afval, oordeel, verlossing, nieuwe afval en ballingschap. Dat verhaal loopt dan ook door in de rest van het oude Testament: terugkeer, nieuwe tempel. In het Nieuwe Testament de geboorte, het leven, de dood, de opstanding en de hemelvaart van onze Heer Jezus Christus. En ook de geschiedenis van de jonge kerk met als uitzicht de wederkomst van de Heer. Nou in dat verhaal hoort ook de geschiedenis van de Schepping thuis. Dat past ook bij het karakter van Genesis 1 dat over de schepping als geschiedenis spreekt, compleet met de indeling in zeven dagen. Ik kan daarom ook niet instemmen met de gedachte dat het in Genesis 1 niet om het hoe van de schepping zou gaan maar alleen om het dat of het waarom. In de Bijbel is het hoe ook altijd van belang, ook omdat het gaat over geschiedenis. Je kunt heel goed Genesis 1 lezen als een polemiek met andere oud-oosterse scheppingsverhalen, maar die polemiek ligt dan ook op dit vlak. Genesis 1 biedt het scheppingsverhaal niet als mythe maar als geschiedenis. Niet een alternatieve mythe maar als alternatief voor de mythe een geschiedverhaal. Toch moet ik er wel iets bij zeggen: Het is niet zomaar geschiedenis. Goddelijke openbaring over geschiedenis. De Bijbel laat je de achterkant of de bovenkant van het verhaal zien, de dingen die je zelf nooit opgevallen zijn. De Bijbel geeft dan ook geen feiten opzicht maar altijd geselecteerde, geïnterpreteerde feiten. Exacte weergave ook van de chronologie is meestal ook niet het doel van de Bijbelse geschiedschrijving. Dat gaat zover dat zelfs bij de knooppunten van de Bijbelse geschiedenis, de uittocht, kerst, Pasen het bijna onmogelijk is om tot een exacte datering volgens onze tijdrekening te komen. Ook daarbij past de manier waarop het verhaal in Genesis 1 verteld wordt. Dat blijkt bijvoorbeeld uit de vraag waarop Genesis 1:1 nou precies slaat: In het begin schiep God de hemel en de aarde. Is dat een gebeurtenis die vooraf ging aan die zeven scheppingsdagen? Dan wordt de chronologie wel erg doorbroken en kom je bovendien in de problemen met het begin van hoofdstuk 2. Hoe werden de hemel en de aarde voltooid. Dat was kennelijk toch het hele verhaal. Is 1:1 dan een soort samenvatting vooraf van het eerste scheppingsverhaal? Dat lijkt me heel goed mogelijk, dan blijf je met de vraag zitten: Waar dan die onbewoonbare aarde in Genesis 1:2 vandaan komt. Exacte weergave van de geschiedenis is kennelijk niet de intentie van het verhaal. Datzelfde blijkt ook uit andere details om een paar bekende te noemen: de verhouding van dag 1: de schepping van het licht tot dag 4: de schepping van de hemellichamen, de vraag wat er nou precies gebeurt is op die tweede dag de schepping van het hemelgewelf/ uitspansel, de verhouding van het eerste scheppingsverhaal tot het tweede. Ik weet wel dat voor al dat soort problemen een oplossing bedacht is, de een aannemelijker dan de ander, maar het feit dat wij behoefte aan oplossingen hebben die de Bijbel zelf niet biedt suggereert al dat we misschien de verkeerde vragen stellen. Kortom in de richting van het theïstisch evolutionisme zo ik graag willen zeggen: Vergeet niet dat Genesis 1 echt een geschiedverhaal is. In de richting van het creationisme zou ik willen zeggen: Vergeet niet dat het Gods openbaring is over de geschiedenis. En dus wel wat anders dan het oog op onze historische, biologische, kosmologische vragen. Een directe integratie van geloofskennis en wetenschappelijke kennis is ook vanuit dit gezichtspunt, volgens mij, niet mogelijk.
Genesis 1 als theodicee
Tot nu toe heb ik eigenlijk alleen nog formele kanten besproken. Hiermee kom ik op meer inhoudelijk terrein. Wat is nou de kern van het verhaal, van de geschiedenis die hier verteld wordt? En ik karakteriseer dat als theodicee. Theodicee betekent letterlijk rechtvaardiging van God. In een theodicee wordt antwoord gegeven op de aanklacht dat het kwaad in de wereld zou aantonen dat God niet goed en almachtig is of zelfs dat Hij niet bestaat. Een theodicee is eigenlijk altijd gevaarlijk omdat wij niet in de positie verkeren om God te rechtvaardigen. De grote vraag is eerder hoe wij voor God gerechtvaardigd kunnen worden dan hoe Hij voor ons gerechtvaardigd kan worden. Als ik Genesis 1 toch een theodicee noem bedoel ik niet dat wij God rechtvaardigen maar dat Hij Zichzelf rechtvaardigt in zijn openbaring over de schepping. En ik zie dat in het refrein van het verhaal: En God zag dat het goed was. Tot zes keer toe en dan afgesloten met vers 31: God keek naar alles wat Hij gemaakt had en zag dat het zeer goed was. Wat houdt die goedheid van de schepping in? Ik ben geneigd te zeggen: nou lees het vervolg van het verhaal maar. Genesis 1 biedt een contrast met het gevolg van de geschiedenis, op narratieve manier vertellend wordt duidelijk gemaakt wat die goedheid dan inhield. Het vervolg van het verhaal verteld over ongehoorzaamheid, dood, geweld en catastrofes. Dat geldt voor de zogenaamde oergeschiedenis Genesis 1-11, dat geldt net zo goed voor het vervolg van het verhaal over de aartsvaders en later over Israël. De Bijbel biedt een heel realistische kijk op het kwaad in de wereld, in de mens, in de gelovige. En dan zegt Genesis 1: Dat komt niet bij God vandaan. Er gaat een verhaal verteld worden met vele duistere kanten maar aan het begin schijnt licht. Het licht van de eerste dag dat stralend opging toen God het woord nam. Het licht van God zelf van Hem wie het licht is en in Hem geen spoor van duisternis is. De God die wij in Jezus pas goed hebben leren kennen. Jezus het licht voor de mensen, het licht voor de wereld. Wat hield die goedheid van de schepping concreet in? Wij, aan de andere kant van het verhaal, kunnen dat alleen maar negatief benoemen, een wereld zonder ongehoorzaamheid, zonder geweld, zonder kwaad of dood. Hoe die wereld eruit gezien heeft? Ik kan het me niet voorstellen, ik weet alleen, ik geloof alleen aan de goedheid van God die die wereld gewild en gemaakt heeft. Ik weet alleen, ik geloof alleen aan de goedheid van Jezus, die zo’n wereld weer mogelijk maakt. Genesis 1 geeft mij geen exacte wetenschappelijke of historische informatie over die wereld, maar Gods Woord, Gods openbaring in Jezus Christus, maakt het onmogelijk een wereldbeeld te accepteren waarin kwaad, geweld en dood de oorspronkelijke en allesbepalende machten zijn. Ik geloof in God den Vader van Jezus Christus, de goede Schepper van hemel en aarde die alles zo goed gemaakt heeft en ik hoop op Hem.
Voor de originele geluidsopname volg dan deze link: www.eh.nl, klik daarna op symposia dan CD's. Daar kunt u de geluidsopnamen van het Darwincongres kopen. De powerpointpresentatie te vinden via deze link: http://www.nd.nl/lezersaanbieding/darwincongres
|




