Home Artikelen Theologie Briefwisseling Mortenson en Van den Brink Brief 3: Zondvloed was wereldwijde ramp
Brief 3: Zondvloed was wereldwijde ramp PDF Afdrukken E-mail

Dr. Terry Mortensen en prof. dr. Gijsbert van den Brink gaan op deze pagina in discussie over schepping en evolutie. Deel 3: Was de zondvloed een wereldwijde catastrofe, zoals de Bijbel beschrijft?  

Beste Gijsbert,

Een belangrijke reden waarom ik creationist ben, uitga van een jonge aarde en het idee van miljoenen jaren afwijs, is dat Gods Woord leert wat de meeste wetenschappers ontkennen, namelijk dat de zondvloed een wereldwijde catastrofe was.

In de kerkgeschiedenis zijn er vier standpunten over de zondvloed geweest. Het standpunt dat ik aanhang werd tot ongeveer 1800 door vrijwel alle orthodoxe Joden en christenen en door de meeste wetenschappers beleden. Vervolgens, na het ontstaan van de geologische theorie dat de aarde miljoenen jaren oud is, stelden sommigen dat de zondvloed plaatselijk was en beperkt bleef tot de vallei van Mesopotamië. Anderen zeiden dat het een mythe was. Weer anderen beschouwden het als een wereldwijde, rustige overstroming die daardoor geen geologische bewijzen heeft nagelaten.

Ik ken niemand die vandaag de dag dat laatste standpunt aanhangt, want het is absurd. Het andere standpunt, namelijk dat het zondvloedverhaal een mythe is, wijs ik af omdat: ten eerste: Genesis 6 tot 11 een historisch vertellende stijl heeft, net zoals Genesis 12 tot 50, en ten tweede: andere Bijbelschrijvers en Jezus de historiciteit van de zondvloed bevestigen (Jes. 54:9, Ezech. 14:14, 2 Petr. 2:4-9 en 3:3-7, Hebr. 11:7, Matth. 24:37-39). Het idee van een plaatselijke overstroming moet om de volgende redenen worden afgewezen, gebaseerd op Genesis. Ten eerste was de zondvloed niet alleen bedoeld om de zondige mens te treffen, maar ook de landdieren en de vogels buiten de ark, en het aardoppervlak zelf (Gen. 6:5-7, 11-13). Alleen een wereldwijde vloed zou dit bewerkstelligen.

Ten tweede was de ark bedoeld om van ieder soort landdier en van iedere vogel twee vertegenwoordigers te redden, om de aarde na de zondvloed opnieuw te bevolken (Gen. 7:1-4). Als de vloed plaatselijk was geweest, was de ark niet nodig en was de opdracht om deze te bouwen wreed geweest. Noach en zijn familie hadden uit de gevarenzone kunnen wegtrekken. Alleen een wereldwijde overstroming paste bij het doel van de ark.

Ark

Ten derde wijzen de afmetingen van de ark (Genesis 6:15) op de historiciteit van het verslag en op het verwoestende karakter van de vloed. Verschillende onderzoeken, waaronder een Koreaans onderzoek uit 1993, hebben aangetoond dat de ark stabiel en zeewaardig was in de slechtst denkbare omstandigheden.

Ten vierde blijkt het verwoestende en geologisch wezenlijke karakter van de vloed uit de opmerking over de twee bronnen van het water (Gen. 7:11) en over het heen en weer stromen van het terugtrekkende water (Gen. 8:3). Wekenlang onophoudelijke regenbuien zouden grote modderstromen hebben veroorzaakt. De vermelding dat „alle fonteinen van de grote afgrond werden opengebroken” duidt op tektonische uitbarstingen op de oceaanbodem die lang ongelooflijk verwoestende tsunami’s veroorzaakten.

Ten vijfde duurde de zondvloed 371 dagen. Een plaatselijke overstroming zou niet zo lang kunnen duren. Ten zesde kwam het water ongeveer 7 meter boven de hoogste bergen van voor de zondvloed (Gen. 7:19-22). Alleen een wereldwijde zondvloed zou alle bergen in heel de wereld kunnen bedekken. Ten zevende kwam de ark op de Ararat terecht, zo hoog dat het 74 dagen duurde voordat Noach nabijgelegen bergen kon zien. Ook dit sluit een plaatselijke overstroming uit.

Ten achtste is Gods opdracht aan dieren en mensen van na de zondvloed (Gen. 8:17; 9:1) alleen zinvol als de vloed wereldwijd was. Want anders vervulden mensen en dieren de rest van de aarde al.

Ten slotte spreekt de belofte die God aan de regenboog verbindt over een zondvloed die de hele aarde verwoestte (Gen. 8:21-22, 9:9-17). De belofte werd gegeven aan Noach en al zijn nakomelingen, aan de dieren en de vogels en al hun nageslacht en aan de aarde zelf. Als de zondvloed plaatselijk was, zou God hebben gelogen. Er zijn sinds Noach veel plaatselijke overstromingen geweest die mensen, dieren en vogels hebben gedood en een deel van de aarde hebben verwoest. En God heeft sindsdien vele keren bepaalde gebieden op aarde vervloekt (Gen. 19:25, Ex. 7-12, Deut. 28:8). Alleen een wereldwijde zondvloed past bij de belofte die God meteen na de zondvloed gaf.

Oordeel

Als de zondvloed geen unieke, historische, wereldwijde catastrofe was, dan inspireerde God een tekst die niet misleidender zou kunnen zijn. Maar als de zondvloed plaatsvond zoals Genesis dit beschrijft, dan zou dit precies het soort complexe geologische verslag van aardlagen en fossielen opleveren dat we vandaag de dag waarnemen.

Er zijn veel bezwaren tegen de zondvloed ingebracht, en de meeste worden behandeld in bijdragen op answersin­genesis.org en scheppingof­evolutie.nl.

Jezus zei dat de zondvloed een waarschuwing is voor het wereldwijde oordeel dat zal komen (Matth. 24:37-39). Voor beide oordelen geldt dat we ze tot onze schade negeren of ontkennen.

De auteur is spreker, schrijver en onderzoeker voor Answers in Genesis in Petersburg, Kentucky, VS.

 

Voor een reactie van Gijsbert van den Brink verwijs ik u naar de onderstaande link:

http://www.refdag.nl/artikel/1409251/Zondvloed+was+wereldwijde+ramp.html